Mijn favoriete jeugdboeken

jeugdboeken

De beste tip die ik schrijvers-in-spé kan geven is heel simpel: lees. Lees alles. Ficitie, non-fictie, klassiekers, pas uitgekomen boeken, voor volwassenen, voor kinderen…, lees! En begin daar zo vroeg mogelijk mee. Hoewel ik in mijn jeugd echt wel speelde, in allerlei clubjes zat (variërend van knutselclub tot spionnenclub) en dol was op gezelschapsspelletjes…, het fijnst vond ik het toch om heerlijk weg te kruipen met een boek. Van al die honderden boeken zijn me een aantal boeken bijgebleven. In willekeurige volgorde:

De Zevensprong (door Tonke Dragt)

De Zevensprong is een boek over Frans van der Steg, meester van klas 5. Daaruit blijkt al dat het boek oud is, klas 5 is al sinds 1985 bekend als groep 7. Frans krijgt een geheimzinnige brief en voor hij het weet is hij lid van een complot. In het complot zitten nog 6 anderen en samen willen ze een kind bevrijden dat door zijn oom opgesloten wordt. Alles speelt zich af rond een geheimzinnige zevensprong in een bos. Wat ik knap vind aan dit verhaal is hoe het thema ‘zevensprong’ op verschillende manieren terugkomt. De spanningsboog is fantastisch opgebouwd, eigenlijk is het onmogelijk om het boek weg te leggen als je eenmaal bent begonnen.  Het boek bevat veel elementen die zo natuurlijk in het verhaal zijn verweven dat je ze als lezer volstrekt logisch vindt, hoewel je in werkelijkheid heel vreemd op zou kijken als e.e.a. voor je neus plaats zou vinden.

Hoewel het boek al oud is, wordt het nog steeds veel kinderen (en vast ook door volwassenen) gelezen. En ben je binnenkort toevallig in de buurt van Ruurlo? Dan kan je zelfs een fietsroute volgen met allerlei opdrachten die met het boek te maken hebben.

Pluk van de Petteflet (door Annie M.G. Schmidt)

Je heb vast wel van  Pluk van de Petteflet gehoord. Het jochie dat met zijn rode kraanwagen op zoek is naar een huisje. Immer beleefd, er altijd op uit om het goede te doen…, het zou zomaar een mierzoet boek kunnen zijn. Maar gelukkig is het dat niet, mede dankzij mevrouw Helderder die er constant mee bezig is om het leven van Pluk zo zuur mogelijk te maken. Gelukkig wordt Pluk door een heel aantal mensen en dieren bijgestaan. Mijn favoriete personage was en is de heen-en-weer-wolf, eigenaar van een veerpont. Zijn blijdschap dat hij een echt mens mag overvaren, is ongekend. Het boek kabbelt voort zonder ook maar een moment saai te zijn, wat een knappe prestatie van de auteur is.

Reis door de Nacht (door Anne de Vries)

Van een heel ander genre is Reis door de Nacht. Dit boek (eigenlijk zijn het vier boeken) speelt zich af in de Tweede Wereldoorlog. Hoofdpersoon Jan neemt je mee door deze tijd. Het verhaal is spannend, maar ook leerzaam. Hoewel Jan een fictief persoon is, zijn veel elementen uit het verhaal waargebeurd. Jan zit in het verzet en helpt op verschillende manieren mee in de strijd tegen de Duitse bezetters. Dat is uiteraard niet altijd zonder gevaar. Dit verhaal bepaalt je bij de keuzes die mensen moesten maken toen ons land bezet was.

Snuf de hond (door Piet Prins)

Wie kent hem niet, Snuf de Hond. Nog steeds in veel bibliotheken te vinden en een aantal jaren geleden zijn diverse delen van de serie verfilmd. Want inderdaad, er zijn meerdere boeken over Snuf geschreven. Allemaal even spannend, hoewel Snuf en de jacht op Vliegende Volckert mij om de een of andere reden het meest is bijgebleven. Tom, de baas van Snuf, en zijn vrienden Bertus en Karel lossen het ene na het andere mysterie op. Natuurlijk was hen dat nooit gelukt zonder hulp van de dappere Snuf. Typische heldenboeken, die eigenlijk altijd goed aflopen maar toch bloedstollend spannend waren. Het maffe is dat de verhalen ergens ontzettend betuttelend zijn -dat vond ik als kind al- maar dat dit toch niet storend is. Terwijl ik toch een behoorlijke allergie heb als het om betutteling gaat…

Wat zijn jouw favoriete jeugdboeken?

Boek in wording: dieven in de buurt

dieven-in-de-buurt

Dieven in de buurt. Dat wordt de titel van mijn volgende boek. Hoewel dit boek pas in oktober in de winkel zal liggen, wordt er achter de schermen al hard aan gewerkt. Niet alleen door mij, ook door bijvoorbeeld Willeke Brouwer die al een fantastische omslagillustratie heeft gemaakt. Het boek is het actieboek (voor de middenbouw) voor de Christelijke Kinderboekenmaand. Dat betekent niet alleen dat er leuk lesmateriaal bij geschreven wordt, maar ook dat de prijs die je voor dit boek gaat betalen heel schappelijk zal zijn! Iets om in de gaten te houden. Het thema voor de Christelijke Kinderboekenmaand is Bibbers in je buik. Dat belooft dus lekker spannend te worden.

Dieven in de buurt

Dieven in de buurt gaat over Hidde. In de buurt waar hij woont, is ingebroken. Als Hidde ontdekt wie de dieven zijn, krijgt hij de schrik van zijn leven. Samen met zijn klasgenootje Lynn gaat hij op onderzoek uit. Maar of dat allemaal goed afloopt…???

Meer weten over dit boek? Houd dan deze website in de gaten.

Andere spannende boeken die ik schreef zijn Dieven in het museum, Supermarkt in Brand, Raadsels rond het kasteel en De verdwenen verhuiswagen.

5 tips voor het vinden van een goede uitgever

uitgever

Stel, je hebt een verhaal. Het is ook nog eens een goed verhaal. Wat zeg ik, het is een briljant verhaal! Een verhaal dat je graag met anderen deelt. In dat geval moet je ervoor gaan zorgen dat je verhaal gepubliceerd wordt. Daar zijn allerlei mogelijkheden voor. Self publishing bijvoorbeeld, is steeds meer in opkomst. Dit komt erop neer dat je je boek zelf laat drukken, zelf zorgt voor verkooppunten (al dan niet online), zelf alle ‘kosten-die-voor-de-baten uitgaan’ op je neemt en de marketing van je boek is ook voor je eigen rekening. Je verhaal als ebook op de markt brengen is ook een idee. Maar het kan ook heel goed zijn dat jij jouw verhaal lekker old school door een uitgever wil laten publiceren. Een uitgever die samen met jou optrekt om je verhaal zo sterk mogelijk te maken en in de winkels te krijgen. Ik ga hier geen preek afsteken over welke mogelijkheid het beste is. Bij iedere vorm van publicatie zijn wel voor- en nadelen te bedenken. Maar mocht jij overwegen om een uitgever in de arm te nemen, lees dan vooral even verder voor een paar handige tips.

tip 1 – Houd je doelgroep voor ogen

Voordat je je manuscript lukraak de wereld instuurt, is het goed om pas op de plaats te maken. Hoe fantastisch je verhaal ook is, niet iedere uitgever zit erop te wachten.  Bedenk goed wat je doelgroep is en zoek uit welke uitgevers in die branche de grote spelers zijn. Kijk welke boeken er op dit moment in de winkel liggen en waar jij wel of niet mee geassocieerd wil worden. Zien de boeken er kwalitatief goed uit? Hoe oogt de bladspiegel? Welke genres passen bij welke uitgeverij? Zoek ook online eens op onafhankelijke recensies. Je hoeft je niet blind te staren op slechts één uitgeverij, maar het is goed om het koren van het kaf te scheiden en te weten waar jouw doelgroep bekend en tevreden mee is.

tip 2 – De kleine lettertjes

Vrijwel iedere uitgeverij heeft een eigen website. Op de contactpagina vind je vaak wat je nodig hebt om je manuscript de juiste kant op te sturen. Maar kijk vooral ook even verder, voordat je de boel de deur uit doet. Vaak vind je ergens op de website ook richtlijnen voor het insturen van een manuscript. Waar de ene uitgeverij een voorkeur heeft voor een papieren exemplaar, ziet de ander jouw werk graag digitaal verschijnen. Sommige uitgeverijen ontvangen graag een compleet manuscript, anderen zien (in eerste instantie) liever een paar hoofdstukken. Soms is het meesturen van een CV een vereiste, andere uitgevers malen daar niet om.

tip 3 – Acquisitie

Ik weet het, veel schrijvers zitten er niet op te wachten om zichzelf in de spotlights te zetten. Jij misschien ook niet. Dat je verhaal aandacht krijgt is één ding, maar dat wil niet zeggen dat jij als persoon ineens volle zalen wilt trekken. Toch kan het verstandig zijn om jezelf bekend te maken bij de uitgeverij(en) van jouw keuze, voordat je jouw manuscript aanbiedt. Dat hoeft helemaal niet zo eng te zijn. Bel gewoon eens op, stel jezelf in een paar woorden voor, vertel dat je overweegt jouw manuscript aan te bieden en stel een inhoudelijke vraag. Vraag bijvoorbeeld om verduidelijking van iets dat je op de website hebt zien staan. Bedank daarna vriendelijk voor de tijd die je hebt gekregen en hang weer op. En hé, waarschijnlijk ben je na het telefoontje nog steeds in leven.

tip 4 – Begeleidend schrijven

Bij het aanbieden van je manuscript, hoort een begeleidend schrijven. Het is een prima begin om hierin te verwijzen naar het bovenstaande telefoongesprek, zo zet je jezelf op een bescheiden manier toch in de schijnwerpers.

‘Geachte mevrouw Jansen,

Naar aanleiding van ons prettige telefoongesprek op dd-mm-jjjj, bied ik u graag mijn manuscript aan.’

Vervolgens leg je in een paar zinnen uit wat de doelgroep van jouw manuscript is, onder welk genre jouw verhaal valt en vat je de verhaallijn kort samen. Sluit je brief netjes af en vergeet vooral je contactgegevens niet.

tip 5 – Wees geduldig

Je bent niet de enige die een manuscript opstuurt en manuscripten lezen is ook niet het enige dat er bij een uitgeverij gedaan wordt. Het kan heel goed voorkomen dat het een paar maanden duurt voor je een reactie krijgt. En, al is je verhaal het beste verhaal dat er ooit is geschreven, het kan ook heel goed voorkomen dat je verhaal afgewezen wordt. Een uitgever vertelde me ooit dat zeker 90% van de ingezonden manuscripten niet voor uitgave in aanmerking komt. Dit heeft niet altijd met de kwaliteit van het manuscript te maken. Het kan zijn dat jouw voorleesverhalen prima zijn, maar de uitgever al bezig is met drie andere boeken met voorleesverhalen en juist op zoek is naar avi-boeken. Het kan zijn dat jouw verhaal een sprookje is, maar de uitgever voor de balans in zijn fonds zit te springen om een waargebeurd verhaal. Als jouw manuscript wordt afgewezen, raak dan niet te snel ontmoedigd, je bent in goed gezelschap. J.K. Rowling, om een voorbeeld te noemen, heeft maar liefst 12 afwijzingen gehad voor haar verhalen over Harry Potter.

Zou jij je verhaal door een uitgever laten publiceren?

 

 

5 tips om werk te maken van je schrijfambities

schrijfambities

‘Schrijf je boeken? Wat ontzettend leuk.Ik zou dat ook graag doen.’ Ik denk dat deze zin veel van mijn collega-auteurs bekend voorkomt. Ik hoor hem in ieder geval zeer regelmatig voorbij komen. Aan de ene kant heel logisch, schrijven ís ook een fantastische bezigheid. Aan de andere kant ook onbegrijpelijk, want wat houdt je tegen? Just give it a try! Om je een beetje op weg te helpen, krijg je hierbij een paar tips om te starten. Moet je jezelf en de rest van de wereld wel beloven dat je er na het lezen van deze tips ook écht voor gaat 😉 !

tip 1 – Gooi alle excuses die je kan verzinnen om niet te schrijven overboord

De kans is groot dat ik je nu al tegen de haren instrijk. ‘Excuses? Hoezo, excuses! Ik heb écht een baan, ik heb écht kinderen, mijn huishouden is echt een bende, ik ben echt mantelzorger!’ Prima, ik geloof je. Desondanks kom ik nog steeds mensen tegen die dit soort argumenten als smoes gebruiken om hun stille wens om te gaan schrijven, te parkeren. Niemand zegt je dat je jouw boek in 1 maand af moet hebben, doe er voor mijn part 10 jaar over. En schrijven hoeft echt niet dagen achter elkaar in eenzame opsluiting. Kinderen zullen een deel van je tijd vragen (terecht!) maar kunnen je ook van fantastische input voor je verhaal voorzien. In feite is het een kwestie van de juiste mindset. Wil je schrijven? Echt? Zorg dan dat je dat doet! Zie de factoren die jou belemmeren als kansen en laat je nergens door tegenhouden.

tip 2 – Zet schrijfmomenten in je agenda

In deze wereld die 24/7 in ontwikkeling is, komt het maar zelden voor dat je tijd over hebt. Tijd moet je maken. Bekijk je agenda voor de komende weken en plan een aantal schrijfsessies. Het is helemaal aan jou hoeveel en hoelang deze duren. Het gaat erom dat je niet meer gaat zitten wachten tot je op miraculeuze wijze ineens een maand op schrijfretraite kan. Het gaat erom dat jij je schrijfambities serieus neemt. Ben je iedere dag 3 kwartier kwijt aan boodschappen halen? Doe eens gek en laat ze bezorgen. Of zorg ervoor dat je aan het begin van de week alles wat je die week nodig hebt in een keer in huis haalt. Tadaaa, je hebt ineens tijd gemaakt om te schrijven!

tip 3 – Zorg dat je doelen haalbaar zijn

Niemand vraagt van jou dat je, nu je serieus werk gaat maken van je schrijfambities, de lat ook meteen op onbereikbare hoogte hangt. Je einddoel is wellicht het schrijven van een bestseller. Geen probleem. Het komt niet veel voor maar er zijn genoeg voorbeelden van mensen die dat doel inderdaad bereiken. Daar gaat echter wel veel werk aan vooraf en daarom is het goed om tussendoelen te stellen waarvan je zeker weet dat ze op korte termijn haalbaar zijn. Bijvoorbeeld ‘ik schrijf deze maand tenminste 1000 woorden’ of ‘volgende week heb ik een outline af waar de grote lijnen van mijn verhaal in beschreven staan’. Heb je een doel gehaald? Top! Schenk een glas wijn in, doe een dansje of steek de barbecue aan. Vier het op jouw manier, stel je volgende doel vast en ga weer vrolijk verder.

tip 4 – Zoek een schrijfmaatje

Er is vast iemand die jouw schrijfmaatje wil worden. Als het al niet in real life is, dan toch zeker wel online. Facebook kent verschillende groepen voor mensen die graag een boek willen schrijven en er zijn diverse online forums waar je terecht kan. Een schrijfmaatje kan ook iemand zijn die zelf geen schrijfambities heeft, maar jou wel graag een steun in de rug wil geven, bijvoorbeeld je oma. Het gaat erom dat er iemand is die jou geregeld vraagt naar de voortgang van je schrijfwerk, je op weg helpt als je even vastzit (al is het maar door een luisterend oor te bieden) en je streng toespreekt wanneer jij je niet aan de door jou bedachte schrijfregels houdt. Iemand die met je meeleest, fungeert bovendien meteen als een prachtige bron van feedback om te ontdekken wat jouw sterke kanten als schrijver zijn en aan welke punten je nog mag werken.

tip 5 – Wees niet perfect

Ga er niet vanuit dat de eerste versie van je verhaal meteen de beste moet zijn maar gun jezelf wat speling. Ook ervaren auteurs sleutelen vaak nog aan de eerste versies van hun verhaal (voor mijn boek dat dit najaar zal verschijnen heb ik kortgeleden de 3e versie ingestuurd). Als je bij iedere zin die je opschrijft eerst vijf minuten na moet denken over de manier van formuleren, maak je het jezelf veel te moeilijk. Typ gewoon wat er in je hoofd opkomt en geniet van je verhaal. Later heb je nog tijd zat om alle punten en komma’s op de juiste plaats te krijgen.

Welk schrijfdoel heb jij voor ogen?